Salix aurita, Geoorde wilg

Salix aurita, Geoorde wilg is een bladverliezende boom met verspreide bladstand. Volledig winterhard
De kroon is bolvormig. De dunne, dicht uitstaande takken zijn opnieuw vertakt. Ze zijn glanzend roodbruin. Jonge takken en knoppen zijn eerst ijl behaard, maar worden spoedig kaal.
De rimpelige bladeren zijn 2 tot 5 cm lang.
Ze zijn boven het midden het breedst en omgekeerd eirond tot langwerpig.
Ze hebben een gezaagde rand en een gootvormige, gekromde top. Aan beide kanten hebben ze 6 tot 10 nerven. Jonge bladeren zijn dicht wollig behaard, later worden ze van boven vrijwel kaal en zijn dan dofgroen. Aan de onderkant zijn ze behaard en grijsgroen.
De steunblaadjes (de oortjes) zijn vrij groot, niervormig, gezaagd en vallen niet af.
De tot 2 cm lange katjes zijn in omtrek rond en verschijnen vrijwel tegelijk met de bladeren. Ze hebben 1 honingklier. Het vruchtbeginsel is viltig behaard. De stempels zijn knopvormig.
De helmknoppen zijn geel. De mannelijke katjes zijn eivormig. De schutbladen zijn zwartachtig. De katjes worden 1 tot 5 cm lang.
De wilg groeit in elke niet te droge grond.

Hoogte: 1 tot 3 mtr.
Bloeiperiode: april,mei
Standplaats: zon