Rubus fruticosus, Braam

Rubus fruticosus, Braam is een volledig winter harde struik.
De tweejarige stengels zijn lang en hangen boogvormig over, kruipen of staan vrij rechtop.
Ze zijn kantig met forse stekels.
De top gaat wortelen zodra deze de grond raakt. Samen vormen de stengels vaak een dichte, warrige massa. De rondachtige tot elliptische bladeren zijn 5-tallig of soms 3- of 7-tallig.
De gezaagde bladeren zijn gestekeld.
De steunblaadjes zijn lijnvormig tot langwerpig.
De onderzijde van de bladeren is bedekt met stekels. De stengel is niet of nauwelijks berijpt en met sterke stekels bezet.
De 2 tot 3,2 cm grote bloemen zijn wit of roze. De kelk is grijs of groen met een witte rand. De kroonbladen zijn smal langwerpig tot breed ovaal en langer dan de kelkbladen.
Vruchten: De glanzende bramen zijn eerst rood, later worden ze zwart. Ze bestaan uit 20 tot 50 deelvruchtjes, die tegelijk met de bloembodem afvallen. Eetbaar.
Bodem: Zonnige tot licht beschaduwde plaatsen op droge tot vrij natte, voedselarme tot voedselrijke, zure tot zwak zure grond (vrijwel alle grondsoorten). Bramen dragen op zijtakken aan de stengels van vorig jaar. Het snoeien is daarom vrij eenvoudig.
Jaarlijks kunnen de afgedragen takken weggesnoeid worden en de nieuwe grondscheuten weer aangebonden. Een enkele keer is er een jaar dat de braam weinig nieuwe scheuten maakt. Als dit gebeurt dan kunt u gezonde stengels nog een jaar aanhouden, waarbij dan wel de aanwezige zijtakken op ongeveer 2,5 cm terug gesnoeid moeten worden.
Standplaats: volle zon
Hoogte:1,5-3 m.
Bloeiperiode: juni,augustus
Oogstperiode: eind augustus